Australie 2011 - 2013


Eind januari 2011 ontstond het idee om naar Australie te gaan om daar te gaan werken en reizen. Ons ideaalbeeld van ons avontuur down under was een cowboy-cursus waarna we op verschillende farms zouden werken om ‘the real Australian life’ te ervaren en onderweg wat van het land te zien.

Uiteindelijk hebben we 21 maanden in Australie gewoond, gewerkt en gereisd en we hebben onbetaalbare herinneringen aan dit prachtige avontuur overgehouden. De lieve mensen, de no-worries mentaliteit, de hoeveelheid wildlife, de kampeeravonturen, de road-trips, het farmwerk, de extremen in temperatuur, de ruimte, de Outback-lifestyle, de toeristische attracties, de vrijheid, .... We laten Australië achter met een erg dubbel gevoel. Dit land was ons thuis voor bijna 2 jaar en we gaan zeker een hele hoop dingen missen. 

Hieronder staat een 'samenvatting' met wat leuke foto's van onze reis door dit grote land.
Op Google Earth kun je zien waar we zijn geweest. Op Facebook en Youtube zijn alle foto's en filmpjes te vinden. 

Ons avontuur Down Under
4 november 2011 vertrokken we naar Sydney met het vliegtuig. Hier verbleven we de eerste twee nachten in een hostel waar we behoorlijk ziek zijn geworden, waarna we naar een camping verkasten iets buiten het centrum. Hier hebben we een week gestaan, vanwaar we van alles hebben geregeld en een auto hebben gekocht die ons naar alle uithoeken van Australie moet gaan brengen. Over deze eerste dagen kun je lezen in het volgende blogbericht (13/11/2011).


Na anderhalve week in Australie was onze jetlag aardig weggezakt en werd het tijd om Sydney te verlaten. Ons eerste doel was Blue Mountains National Park, waar we een schitterende zware wandeling hebben gemaakt. Aangezien het weer niet zo mee zat lieten we de Blue Mountains wat sneller achter ons dan gepland, om in de richting van Tamworth te reizen. Hier zouden we 21 november beginnen met onze cowboycursus, ongeveer het enige wat we gepland hadden in Australie (19/11/2011).


De cowboycursus (06/12/2011) was echt ontzettend leuk en leerzaam. We hebben veel paardgereden, lasso geworpen, paardenhoeven verzorgd, schapen geschoren, onkruid gewied, hekken gerepareerd, met kalven geworsteld en hen gecastreerd en gemarkeerd en we hebben de basis van Natural Horsemanship geleerd en uitgevoerd op ons ‘eigen’ paard. Op de website (http://www.leconfield.com/) kun je meer over de cowboycursus lezen.




Na deze week werden we gevraagd door de eigenaar of we hier de komende 2,5 maand zouden willen komen werken. We hebben deze mogelijkheid natuurlijk meteen aangenomen. Tijdens de cursussen hielpen we nu veel mee met de studenten en daarnaast moest er natuurlijk gekookt en schoongemaakt worden en Erik heeft heel wat onkruid gesprayd. Tijdens de kerst en oud & nieuw periode waren alle vaste werknemers op vakantie, waardoor we alleen op de farm waren en konden doen en laten wat we wilden. Onze Belgische vriendin Julie heeft voor een hilarische kerstnacht gezorgd. Toen iedereen weer terug was, zijn we een paar dagen naar Port MacQuarie geweest waar we lekker de toerist hebben uitgehangen (jetski, dierentuin, surfen, etc.). De eerste 3 scholen van het jaar waren ook weer erg gezellig. Onze paardrij-ervaring werd verbeterd en we leerden weer veel leuke mensen kennen. We hebben hier een erg leuke tijd gehad (19/12/2011 - 14/01/2012 - 06/02/2012).



Begin februari was het weer tijd om verder te gaan en via Leconfield kwamen we in contact met Tony en Annyka Overton in Walcha. Hier hebben we wat meegeholpen met de kinderen, in het huis en bij het koken, maar de meeste dagen gingen we mee met Tony die maar niet uitgepraat raakte over zijn grootste passie: farming. Aan het eind van de week werden we dronken gevoerd bij de paardenraces en we hebben ook nog een mooie wandeling gemaakt in Oxley Rivers National Park (13/02/2012). Helaas konden we op deze farm geen betaald werk doen, dus na een week besloten we naar het noorden te reizen waar we via internet werk hadden gevonden.


Het werk wat we gevonden hadden was net over de grens in Queensland, Goondiwindi, op een farm waar ze voornamelijk katoen verbouwen. Ik zou voornamelijk voor de 3 kinderen zorgen en het huis in orde houden. Erik heeft de eerste dag tractor leren rijden, maar de overige dagen heeft hij alleen maar in de irrigatie gewerkt, wat nog veel handarbeid is. In 6 dagen tijd heeft Erik ongeveer 100 uur gewerkt, met tussendoor nauwelijks tot geen pauzes (behalve om even te slapen dan). Aangezien het er niet naar uitzag dat hier veel verandering in zou komen, ook al waren er van te voren hele andere uren afgesproken, besloten we na een week de spullen weer in te pakken (20/02/2012).

Doordat Erik zoveel uren had gemaakt, hadden we wel even een spaarpotje om vakantie te vieren aan de Gold Coast, het Costa Brava van Australie: zon, zee, strand en veel toeristen (04/03/2012). We vonden een mooie gratis camping 30 km vanaf de kust, vlakbij twee mooie National Parks. Ondanks dat het veel geregend heeft, hebben we een aantal pretparken aan de Gold Coast bezocht, zijn we naar een dinnershow gegaan en hebben we 2 mooie wandelingen gemaakt in Lamington en Springbrook National Park. Vervolgens hebben we ons nog een dagje vermaakt in Byron Bay, een hippieplaatsje waar veel backpackers te vinden zijn. Hierna gingen we het binnenland in, waar we in Lightning Ridge nog interressante dingen hebben geleerd over opaal en Artesiaanse baden. 


Doordat zowat heel New South Wales overstroomt was en we onze nieuwe werkplek in Bourke niet konden bereiken, besloten we ergens anders wat geld te gaan verdienen tot het water wat gezakt zou zijn. Via via kwamen we in Batlow terecht waar we 7 weken appels hebben geplukt (28/03/2012 - 23/04/2012). We hebben in deze tijd veel geleerd over appels plukken, onze ruggen hebben heel wat te verduren gehad (zo’n 100.000 kilo appels met z’n tweeen), maar als beloning hebben we wel even onze bankrekening kunnen spekken. In de weekenden hebben we wat wandelingen gemaakt in het Snowy Mountains National Park, hebben wat dagen geholpen bij het asiel in de buurt, zijn we naar de Batlow-show gegaan en hebben we het ‘Man of Snowy River Bush Festival’ in Corryong bezocht.


Uiteindelijk werd het dan toch tijd om weer naar het noorden te vertrekken, op weg naar de farmjob in Bourke. (12/05/2012 - 27/05/2012 - 09/06/2012 - 24/06/2012 - 07/07/2012) . Hoe dichterbij we kwamen, hoe warmer het werd, hoe groter de afstanden tussen dorpjes en hoe roder het zand. We kwamen hier terecht in de echte Outback, waarbij we uren door 'niets' reden. We hebben nog 2 nachten in Gundabooka National Park gestaan, zo'n 50 km ten zuiden van Bourke, waar we hebben gewandeld en wat Aboriginal kunst hebben bezocht. We hebben van eind april tot begin juli op de farm Gumbooka gewerkt, voor Ben & Liarne Mannix die hier samen met hun twee zoons William (4 jaar) en Flynn (1 jaar) leven. Het stuk land dat ze bezitten is zo'n 270 km2 groot, waarop ze voornamelijk vlees-schapen houden, zo'n 10.000 stuks. Daarnaast vangen ze wilde geiten en hebben ze zo'n 100 koeien. Naast al het vee stikt het van de wildlife: kangoeroes en emoes. Regelmatig hebben we een kangoeroe geschoten voor de honden. Minder blij zijn ze met wilde zwijnen, vossen en wilde honden, die ze stuk voor stuk proberen uit te roeien. Een erg aparte life-style! Het farmwerk bleek erg gevarieerd te zijn. We hebben kilometers hekken neergezet; duizenden schapen bijeengedreven d.m.v. een quad en dirtbike terwijl Ben ons aanstuurde vanuit een 1-persoonshelicoptertje; in 1 week tijd 2000 lammeren gemarkeerd; onkruid gesprayd en daarnaast nog allerlei algemene klusjes gedaan. Onze vrije tijd hier was niet zo erg bijzonder, we lagen te afgelegen om veel te ondernemen. We hebben wel een aantal weekenden opgepast op de baby-kangoeroe Josephine, heel schattig! Daarnaast zijn we een aantal keer meegeweest met wat zwijnenjagers. Met het weer hadden we deze periode ook niet te klagen. We hebben hier 10 weken in de winter gewerkt en 's nachts vroor het meestal, maar de meeste dagen was het rond 20-25 graden zonder regen, heerlijk weer om in te werken. Deze periode hebben we het erg naar ons zin gehad en heel veel geleerd over het leven op een farm in Outback Australia!



Begin juli besloten we dat we genoeg geld hadden gespaard om wat meer van het land te gaan zien (23/07/2012). We begonnen onze reis in Carnarvon National Park, waar we een mooie wandeling hebben gemaakt. De week erna regende het non-stop waardoor we even geen kant opkonden. Deze lange en saaie week werd goedgemaakt met het prachtige weer tijdens de 3-daagse zeiltrip rond de Whitsunday-islands. Met de Samurai, een race-jacht, hebben we een flink aantal snelle kilometers afgelegd rond deze prachtige eilanden met witte stranden en helder turqoise water. Dit werd afgewisseld met wandelen, een duik-introductie en snorkelen waarbij we schitterend koraal, kleurrijke vissen en mega-schildpadden van dichtbij hebben kunnen zien. Al dit moois en de gezellige groep kon niet voorkomen dat we behoorlijk zeeziek werden tijdens de ruwe eerste nacht, een verschrikkelijk gevoel. Ondanks dat was deze trip een van de vele hoogtepunten van de vakantie.


Vervolgens stond Cairns op onze planning, waar we samen met een ander stel naartoe zijn gereist. Na het toerisme, het beachvolleybal en de relaxedte uurtjes langs het zwembad in Cairns en het bezoeken van vele watervallen rondom deze stad hebben we de 2 weken daarna voornamelijk in rood stof doorgebracht, op de Savannah Way van Cairns naar Katherine (07/08/2012). We volgen continue maar 1 weg van 2000 km waarbij we dagen reden door heel veel 'niets', erg indrukwekkend. Aangezien het grootste deel van de weg niet geasfalteerd was en we ook een aantal rivieren over moesten steken waarbij we niet wisten hoe hoog het water stond was het een gok om dit met onze kleine 4-wheeldrive te doen. We hebben op ontzettend mooie en bijzondere plekken onze tent opgezet, waar we vaak helemaal alleen konden genieten van prachtige zonsondergangen bij een eigengemaakt kampvuur. In het westen van Queensland, midden in de Outback vindt je Lawn Hill National Park, een echte oase met een gorge vol met helderblauw water. Hier hebben we een paar dagen gekampeerd, gewandeld en heerlijk gezwommen. Daarnaast was Limmen National Park ook erg bijzonder, met name de Lost City rotsformaties. Het weer in het noorden van Australie was rond de periode dat wij er waren perfect, overdag aangename temperaturen, nooit regen en koele nachten.



Na die weken van 'niets' kwamen we begin augustus aan in Mataranka waar we al het stof uit onze porien konden baden in de heldere thermische waters, waarna we vervolgens konden genieten van alle pracht in Top End Australia (22/08/2012). We begonnen in Litchfield National Park, waar je watervallen vindt waarboven of waaronder je een heerlijke duik kan nemen, niet verkeerd bij die hitte, maar het was wel erg toeristisch. Van Darwin, waar we daarna doorheen reden, waren we niet enorm onder de indruk. Kakadu National Park heeft ons daarentegen overtreft in onze verwachtingen, wat hebben we daar 10 geweldige dagen gehad! Hier hebben we echt even de natuur en cultuur opgeslurpt. We hebben verschillende korte en lange wandelingen gemaakt tijdens de ochtenduren, waarna we in de hete middagen lekker gerelaxt hebben. Tijdens een cruise hebben we meer geleerd over de gevaarlijke zoutwater-krokodil, die we hier ook heel veel hebben mogen zien. Hoogtepunt was de natuur- en cultuursafari waar we veel bijzondere dieren hebben gespot en daarnaast heel veel hebben geleerd over de Aboriginal-cultuur. Samen met Patsy, een Aboriginal-dame, hebben we ons eigen eten gejaagd en verzameld en op een traditionele manier klaargemaakt. Het uitzicht tijdens het klaarmaken van ons eten maakte het plaatje compleet, een supermooie floodplain vol met ganzen bij een geweldige zonsondergang. De 2 weken in Top End Australia hebben we afgesloten in Katherine, waar we een kanotocht in Nitmuluk National Park hebben gemaakt.



Hierna kwamen we terecht in een knettergek krokodillenavontuur op een krokodillenfarm 250 km ten westen van Katherine (01/09/2012). Op deze farm leven zo'n 6000 zoutwater-krokodillen, waarvan de meesten maximaal 2 jaar oud zijn. Samen met nog wat andere WWOOF-ers hebben we een schuurtje gebouwd, de baden van de krokodillen dagelijks schoongemaakt, de mega-hoeveelheden vlees voor deze beesten klaargemaakt en we hebben er zelfs 600 gevangen voor transport naar een andere farm. De meesten zijn niet langer dan 1,5 meter, maar alsnog is het uitkijken voor je vingers! Tijdens de vrije uurtjes werden we verwend met heerlijk eten en zaten we hier in de prachtige omgeving van Gregory National Park. We konden hier helaas maar 1 week blijven, maar het was een erg leuke en speciale ervaring!



Na het verlaten van de crocfarm kwamen we er achter dat een week geen mobiel bereik en geen internet je voor onaangename verrassingen kan komen te staan. Diverse mailtjes van het thuisfront waarvan de laatste ons op de hoogte bracht van het (voor ons plotselinge) overlijden van oma, dankzij de geweldige hulp van de reisverzekering zaten we binnen 7 uur al op een vlucht terug naar NL. Ondanks de verdrietige reden was we het erg fijn om na 10 maanden onze familie en vrienden weer even voor een weekje te zien.

Vanwege de onverwachte trip naar NL hadden we nu maar 1 week om de 3000 km van Darwin naar Adelaide af te leggen. Ondanks de jetlag besloten we naast het rijden wel wat van deze week te maken en de 4 meest bekende plekken in Centraal Australie te bezoeken (22/09/2012). Allereerst hebben we ons een dagje vermaakt in Alice Springs. Vervolgens hebben we Uluru gezien bij zonsondergang en hebben we de 10,5 km om de rots gelopen. Vlakbij hebben we een mooie wandeling bij Kata Tjuta gemaakt, minstens zo indrukwekkend als Uluru. Tenslotte zijn we nog even langs Kings Canyon gegaan, waar we opnieuw een mooie tocht hebben gewandeld. De rest van de week hebben we veel in de auto doorgebracht, rijdend door de eindeloze landschappen.



Erik is hierna vanaf Adelaide naar Perth gevlogen, waar hij onze nieuwe auto heeft opgehaald, een Nissan Patrol. We hadden besloten dat je voor het echte werk ook een echte 4wheeldrive nodig hebt. Erik heeft vervolgens in 3,5 dag 3400 km gereden van Perth naar Bourke, de farm waar we voorheen ook al gewerkt hadden. Helaas waren er wel wat probleempjes met de auto die de garage, na de nodige vertraging, voor ons heeft opgelost.


Eind september waren we dus weer terug op de farm in Bourke (14/10/2012 - 12/11/2012). Hier hadden we snel ons ritme weer gevonden, na zo lang vakantie is het best lekker om weer bezig te zijn. Het begon wel flink op te warmen, we hadden regelmatig dagen van 35-40 graden! Opnieuw waren we vaak schapen en geiten aan het bijeendrijven op de motorbikes en aan het werk met deze dieren. We hebben zelfs een dag schapen geschoren en wol gesorteerd. Daarnaast hebben we weer kilometers omheining gemaakt, waarbij we zelfs bijna een bosbrand hebben veroorzaakt, gelukkig konden we deze nog net op tijd doven. In deze 7 weken bleek ook dat Erik daarnaast nog wat redneck-'kwaliteiten' van Ben had overgenomen en hij schoot in deze periode graag wat kangoeroes voor de honden.



Aangezien we onze Honda niet konden verkopen in Bourke, besloten we begin november naar Sydney te gaan. Met 2 auto’s door Sydney rijden bleek geen gemakkelijke opgave, dus het was een opluchting toen we eindelijk de camping hadden gevonden. Deze week in Sydney hebben we grotendeels doorgebracht in een parkeergarage, waar backpackers hun auto te koop zetten. Uiteindelijk hebben we de Honda verkocht aan 2 Duitse jongens.

Na Sydney zijn we doorgereden naar Young, de kersenhoofdstad van Australie (10/12/2012). Aangezien het kersenseizoen dit jaar erg laat was en we daar samen met honderden andere backpackers waren, besloten we dat hier weinig kans was om nog wat geld te verdienen. Op naar het zuiden dus. In Wagga Wagga hebben we onze Nissan naar een garage gebracht, waar we een goede deal met de eigenaar hebben gesloten. We hebben 2 weken bij hem en zijn ouders in de tuin gewerkt in ruil voor kost en inwoning en een grote opknapbeurt aan de auto, inclusief een nieuwe airco! Een superdeal!

Voor de aankomst van John hebben we nog een paar dagen in de bergen van Victoria doorgebracht (22/12/2012). 14 december haalden we John op van het vliegveld in Melbourne. We begonnen de vakantie met z’n drieen op de Great Ocean Road. Tussen de spetters door hebben we kunnen genieten van geweldige uitzichten. Hoogtepunt was een 20 km lange wandeling langs de ruige kust en door de duinen. Koala's spotten konden we ook op veel plekken en natuurlijk mochten de bekende uitzichtpunten niet ontbreken (12 Apostels etc.). Vervolgens zijn we langs de kust naar Adelaide gereden langs prachtige maar eentonige duinlandschappen. Onderweg hebben we nog warme kampvuurtjes gestookt in de bossen, aangespoelde walvissen gevonden, ge-kano-surft en lekker aan het strand gelegen. 



De volgende stop was Kangaroo Island voor 5 dagen (31/12/2012), maar voor wildlife kan je beter op het vasteland blijven. Wat wel erg mooi was waren de zeeleeuwen op Seal Bay en de zeehonden in Admirals Arch. Je kon echt dichtbij deze prachtige beesten komen en wat waren het er veel! Sandboarden in Little Sahara heeft gelukkig geen gebroken botten opgeleverd. Flinders Chase stelde ons teleur in de hoeveelheid wildlife, maar we hebben wel de bijzondere Remarkable Rocks bezocht. De kerstdagen vierden we met uitgebreide bbq's, bier en wijn op mooie campingplekjes. Natuurlijk hebben we de prachtige stranden mogen ontdekken, zelfs met de auto!



Terug op het vasteland zijn we vrij snel weer naar het noorden gegaan (23/01/2013). We hebben wat gefietst en wijn geproefd in MacLaren Vale, lekker en leuk! Oudejaarsavond waren we in Adelaide, waar we genoten hebben van life-muziek, een prachtige vuurwerk-show en waar we illegaal onze slaapzak uit hebben gerold in Het park van Adelaide, ‘Botanic Garden’.

Het avontuur wat daarop volgde is in 1 woord samen te vatten: HEET! We hebben veel kilometers gemaakt om in de Flinders Ranges te komen waar we ruim een week dachten te blijven, maar 2 dagen later waren we alweer op de weg terug naar het zuiden! Het was hier continue boven de 45 graden, het stikte er van de vliegen en nergens was water. Het vakantiegevoel ontbrak. Wel nog wat gewandeld in de vroege morgen en een opgesloten kangoeroe gered uit de camping-wc. Midden op de dirttracks in the middle of nowhere reden we een van onze achterbanden aan flarden, zodat we voor de veiligheid weer om moesten keren. Op de route die we van plan waren te nemen zouden we namelijk echt geen bandenzaak tegenkomen.



Het leek ons verstandig om veel water op te zoeken: de Murray rivier. Hier hebben we 4 dagen gestaan, nog steeds 45 graden, maar in ieder geval afkoeling in de buurt. We kregen een gratis kano-tocht aangeboden en een uur later bij wat andere mensen konden we op een opblaasband achter een speedboot meegesleurd worden, wat een vriendelijke mensen heb je hier toch.

Het hoogtepunt van de hele vakantie was waarschijnlijk ons verblijf op de farm Bidura, zo'n 150 km ten noord-oosten van Mildura. We hebben John in 5 dagen tijd goed kunnen laten zien hoe het Australische farm-leven eruit ziet. We hebben veel schapen bijeengedreven op quad en motor en met antieke auto-tjes, we hebben schapen op een truck geladen, lammeren gemarkeerd en gecastreerd, hondenvallen gezet en daarnaast kreeg John een beetje een idee van de grootte van zo’n farm (25.000 hectare, 6.000 schapen), van het water-tekort, bosbranden en allerlei andere problemen waarmee farmers te maken krijgen.
Vanuit de farm zijn we ook naar Mungo National Park gegaan, mooie zandduinen, heel veel kangoeroes en emu's (bijna 1 voor de auto) en indrukwekkende Outback.



Na dit farmleven zat de vakantie er alweer bijna op. We hebben nog 2 dagen in Grampians National Park gekampeerd en gewandeld voordat we de stad weer opzochten. In Melbourne hebben we 2 nachten in een hostel geslapen. We hebben het een en ander van de stad gezien, maar we waren voornamelijk te vinden op Federation Square. Heerlijk genietend van de zon keken we naar de Australian Open. 20 januari zat de vakantie er weer op en vloog John terug naar Nederland.

Greg & Lorraine van de farm waar we met John verbleven hebben ons hun luxe huis in Mildura aangeboden zodat we even een basis hadden waarvandaan we werk konden zoeken en alles op een rijtje konden zetten (28/02/2013). Dit eerste is niet gelukt, backpackers werden flink afgezet in dit gebied! Wel hebben we even goed de tijd kunnen nemen om na te denken over de resterende tijd in Australie en voornamelijk over hetgeen we daarna wilden doen. De belangrijkste conclusie is de terugkeer naar Finland later dit jaar. Na 2 zomerse weken hebben we als dank nog een paar dagen meegeholpen op de farm.

In Wagga hebben we vervolgens heel snel en onverwacht onze Nissan Patrol voor een leuke prijs kunnen verkopen aan andere backpackers. De bevriende monteur heeft opnieuw een deal met ons gemaakt en voor de rest van de tijd in Australie rijden we rond in een oude pick-up.
Hier hebben we ook een typisch Australisch evenement bijgewoond: een rodeo. Het was een erg speciale en leuke ervaring, mede dankzij de over-enthousiaste man die naast ons zat.


Op naar Batlow, de appel-hoofdstad van Australie (01/04/2013 - 29/04/2013). We hadden hier al goede ervaringen van het jaar ervoor, dus opnieuw werden eindelijk de handen uit de mouwen gestoken om zo’n 5.000 kg appels per dag te plukken. Dit keer verbleven we met meerdere backpackers in een caravanpark, erg gezellig. De weekenden werden meestal doorgewerkt, zodat er weinig ruimte was voor vrije tijd. Desalnietemin mochten de asielhonden ook dit jaar niet ontbreken, we hebben een erg leuke tijd gehad met BD en Lilly. Na 2,5 maand zagen we in dat het ons fysiek erg goed af ging, maar psychisch werden we langzaamaan gek. Begin mei besloten we daarom dat het tijd was om hier weg te gaan.



We hadden nu onverwacht een maand ‘vrij’ en we besloten wat mooie dingen in New South Wales en Victoria te gaan zien (31/05/2013). We hebben ons voornamelijk laten leiden door het wisselvallige herfstweer.
We begonnen de trip in de Snowy Mountains, ondanks de kou (-7°C sommige nachten) gewoon in een tentje. We deelden het kampvuur met wat vissers die ons verwend hebben met een deel van hun vangst. De hele week was het zonnig, maar fris: perfect wandelweer. We hebben Mt Kosciuszko beklommen, de hoogste berg van Australie en daarnaast hebben we nog verschillende lange wandelingen in deze prachtige omgeving gemaakt.


Na deze kou hebben we 2 dagen aan de kust gestaan in Ben Boyd National Park, waar we even lekker hebben gerelaxt aan het strand met prachtig uitzicht en veel wildlife. Omdat onze volgende bestemming in zwaar regenweer verkeerde besloten we nog een paar dagen in het verlaten Snowy River National Park te wandelen.


Ondanks de regen maakten we ons klaar om de meerdaagse wandeling van 50 km in Wilson Prom National Park te maken. Het besluit om onder een overkapping te overnachten zodat we de tent niet in de regen op hoefden te zetten en beter nog, niet nat hoefden in te pakken was helaas verkeerd. De overkapping bleek zo lek als een mandje en na een enorme hoeveelheid regen die nacht was ALLES nat. We lieten Prom daarom even voor wat het was en zaten vervolgens 5 nachten in een heerlijk luxe motel op Phillip Island. Ondanks het slechte weer hebben we naast heerlijk relaxen ook wat dingen ondernomen: verschillende wandelingen, een puzzelmuseum, een chocoladefabriek en daarnaast mocht de beroemde pinguin-parade niet ontbreken. 


Na Philip Island zijn we teruggereden naar Wilson Prom, dit keer met de instelling om dan maar dagwandelingen te maken. Erik heeft de 50km-lange wandeling uiteindelijk alsnog in 1 dag gedaan, kanjer! De natuur, een combinatie tussen moeras, bos, bergen en kust was prachtig en daarnaast hebben we heel veel wombats gespot, zelfs overdag en met kleintjes, erg bijzonder.



Vervolgens gingen we weer richting het noorden, de bergen in, waar we werden verrast door een dikke laag sneeuw. Onze slaapzak hebben we uitgerold in een verlaten primitieve hut en in een kleine week tijd hebben we de omgeving voornamelijk te voet verkend. De sneeuw maakte de wandelingen wel wat zwaarder, maar je kreeg er des te mooiere uitzichten voor terug. Hier in de buurt kwamen we ook onze grootste passie tegen: sledehonden! Op loopafstand van de hut waren we hier ook regelmatig te vinden.



Begin juni zochten we de warmte van Bourke weer op, we zouden dit avontuur Down Under op de best mogelijke manier afsluiten: op een farm in de Outback (13/07/2013 - 14/08/2013). Deze winter was extreem warm en we hebben regelmatig temperaturen van 25 graden en hoger gehad. Een groot deel van de tijd hebben we besteed aan het voeren van de koeien en kalven, want door de beperkte regenval was er weinig eten meer over. De interactie met de kalven die al aardig aan mensen gewend raakten was erg leuk. We hebben veel omheiningen gemaakt, we hebben af en toe grote houtstapels op de farm in brand gezet, we hebben 4 huislammeren zien groeien en de laatste periode hebben we opnieuw lammeren gemarkeerd. Dit keer waren we getuige van een aantal geboortes in de yards, en bij 1 geboorte hebben we zelfs moeten helpen! Minder was het ongeluk van Flynn, wat uiteindelijk weer goed is gekomen maar wel voor een onverwacht ziekenhuisbezoek zorgde en daarnaast heeft Clancy een slangenbeet niet overleefd. Begin augustus namen we afscheid van dit fantastische gezin.




De 800 km durende rit naar Wagga Wagga deden we met samengeknepen billen want de auto was niet geregistreerd, en daarnaast zat de voorkant helemaal in elkaar door het aanrijden van een kangoeroe zo’n 20 km van de farm vandaan... We kregen dus minder geld terug dan gehoopt, maar we waren erg blij om weer aangewezen te zijn op onze eigen vertrouwde benenwagen.
Vervolgens namen we de trein naar Sydney, waar we de laatste 2 nachten in een heerlijk, maar luidruchtig hostel langs het station hebben geslapen. 18 augustus 2013 vlogen we weer richting Nederland en was ons avontuur in Australie dus officieel voorbij. Wat een geweldige tijd, vol met mooie herinneringen die we ons leven lang zullen koesteren.

Dankjewel Australie :-)